Column: Hang geen maximumprijs aan een leven

Het werd in verschillende media moedig genoemd dat GroenLinks-Kamerlid Corinne Ellemeet voorstelt om ouderen niet altijd meer medisch te behandelen. De vraag of blijven doorbehandelen van een ernstig zieke patiënt steeds het beste is, is als zodanig reëel. Maar indien politici, beleidsmakers of verzekeraars de vraag stellen is het oppassen geblazen. Dan ligt de QALY-kwestie op de loer: de vraag wat een menselijk leven aan medische behandeling maximaal mag kosten. Die vraag is niet zozeer moedig als wel riskant; voor de ouderen in kwestie.

 

Het QALY-aspect wordt in de initiatiefnota van Ellemeet niet genoemd. Het gaat de initiatiefneemster, zo schrijft zij, om aandacht voor kwetsbare ouderen. Haar nota ‘Lachend tachtig’ bevat de volgende kernaanbeveling: ‘Om een goede inschatting te maken van de vitaliteit of kwetsbaarheid van een oudere is het wenselijk om alle 65-plussers bij binnenkomst in het ziekenhuis te screenen op kwetsbaarheid’. Maar indien uit zo’n screening naar voren komt dat een 65-plusser ‘kwetsbaar’ is, kunnen de gevolgen voor hem of haar hard zijn. Het kan er volgens Ellemeet namelijk toe leiden dat zij niet meer worden behandeld, zeker als de screening laat zien ‘dat een oudere waarschijnlijk nog maar maximaal zes maanden te leven heeft’.

 

Hier dreigen mensen te worden gereduceerd tot stukjes statistiek. Indien bijvoorbeeld blijkt dat iemand 75% kans heeft niet langer dan zes maanden te leven, is er nog altijd 25% kans dat iemand langer blijft leven, soms een paar weken soms ook jaren langer. De een zal moedeloos worden bij het horen van zo’n score, de ander wil de kans op die 25% grijpen. Is het aan de politiek te beslissen of de behandeling dan moet worden voortgezet? Of aan de arts? Veel artsen menen dit laatste: het is aan hen te bepalen of behandeling ‘medisch zinvol’ is. Maar door dit te doen (hetgeen nu vaak al gebeurt) deduceren zij uit een kansberekening of zij een specifieke patiënt een kans gunnen. En vullen zij op basis van de mogelijke gevolgen van een behandeling in of een leven in zo’n geval nog wel zinvol is.

 

Er is echter steeds maar één persoon die kan en zou moeten mogen bepalen of het leven in een bepaalde situatie nog zin heeft: de patiënt zelf. Uiteraard is het prachtig indien iedereen ‘lachend tachtig’ kan worden. Maar indien er door ziekte, kwalen of andere tegenslagen weinig te lachen valt, is lang niet voor iedereen het leven meteen zinloos. Een dertiger in blakende gezondheid zal wellicht denken dat een leven boven de 65 met allerlei lichamelijke ongemakken de moeite niet meer waard is, maar als hij eenmaal zelf zo ver is kan het goed zijn dat hij er dan anders over denkt.

 

Misschien is GroenLinks-Kamerlid Ellemeet het hiermee eens. Maar realiseert zij zich voldoende dat ouderen zich nogal eens ‘overbodig’ en ‘te veel’ voelen? Wat voor boodschap straalt een samenleving uit die bij elke 65-plusser die de pech heeft in het ziekenhuis te belanden gaat testen of zorg voor hem of haar niet te veel van het goede is?

 

De test die Ellemeet aanbeveelt geeft des te meer te denken. Het is de ‘Tilburg Frailty Indicator’. Wie daarop 5 punten of meer scoort wordt als ‘fragiel’ beschouwd. Ben je bijvoorbeeld wat hardhorend en slecht ter been, dan maak je al een gerede kans aan die score te komen. Want niet alleen krijg je dan 2 punten bij de desbetreffende vragen, maar je zult misschien ook aangeven dat je je lichamelijk niet zo gezond voelt, en dat je je soms wel eens somber voelt. Indien je dan bovendien wel eens mensen om je heen mist – en welke 65-plusser zal niet wel eens mensen missen die je inmiddels zijn ontvallen? – dan zit je reeds aan de faliekante 5 punten.

 

Of het leven de moeite waard is, daar behoren noch politici noch medici over te gaan. Maar zorg kost natuurlijk wel veel geld. Het kan daarbij toch niet ‘u vraagt, wij draaien’ zijn, kan worden tegengeworpen. Dit klopt, maar zodra het om leven of dood gaat hebben patiënten er recht op dat het onderste uit de kan wordt gehaald, tenzij zij eigener beweging aangeven dit niet te willen. Een maximum prijskaartje aan een leven te hangen – de QALY – is uiterst wrang voor burgers die nota bene gedwongen zijn deel te nemen aan ons collectieve zorgstelsel.

 

Wie zijn hele leven heeft moeten betalen voor de vaak wissewasjes-zorg die aan anderen wordt verstrekt, en dan als hij of zij boven de 65 is en zelf levensreddende zorg behoeft te horen krijgt ‘dat is te duur’, wordt tot gevangene gemaakt van de gecollectiviseerde zorg. De QALY kan beter nooit worden ingevoerd. Maar mocht het onverhoopt toch zo ver komen, dan zou de burger een opt out uit het stelsel moeten kunnen bedingen. Dan kan hij tenminste sparen voor zorg op zijn eigen oude dag.

 

Patrick van Schie is historicus en directeur van de TeldersStichting. Deze column is eveneens verschenen op de website van het dagblad Trouw.

Alleen abonnees kunnen mee debatteren. Word abonnee!
    Peter Versteegh

    16 mei 2018

    Deze discussie dient gevoerd te worden zonder een leeftijdsgrens in te stellen. Iedereen kan kwetsbaar zijn, ook een driejarige.

    Alleen betalende gebruikers kunnen mee debatteren.

    Ronald Weilers

    10 mei 2018

    Het is zeker erg moedig van 2e Kamerlid Ellemeet(lat) van Groen Links om dit aan te kaarten, zeker gezien de grote winst die GL behaald heeft bij de Gemeenteraadsverkiezingen. De kans dat er partijleden en/of GL-stemmers onder de Ellemeetlat gaan vallen wordt dus steeds groter. Zou interessant kunnen zijn welk standpunt GL dan gaat innemen. Een van de grove onrechtvaardigheden in het plan is, dat weer de hoger opgeleiden, de meer welvarende mensen, minder kans hebben om het maximum Ellemeetpunten te behalen en er dus op vooruit gaan omdat er steeds minder arme- en laagopgeleide mensen overblijven die de zorg zouden kunnen belasten. Het Ellemeetplan is ook zo ongelooflijk arbitrair, wie bepaalt wat? Elke ‘wie’ is een unieke persoon, of hij/zij nu arts is of socioloog, of wat dan ook; in onze maatschappij zou niemand of een groep niemanden een uitgesteld doodvonnis mogen stellen. Gezien hoe bijna alles in ons land functioneert, moet er nog veel geld te vinden zijn binnen het zorg bestel.

    Alleen betalende gebruikers kunnen mee debatteren.