Column: Een kernwapenvrije wereld kan niet

Onlangs spraken 122 landen zich in de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties uit voor een wereld zonder kernwapens. De timing was op zich al merkwaardig. Want een paar dagen eerder had Noord-Korea zijn eerste, naar eigen zeggen, intercontinentale raket afgevuurd die in staat zou zijn om een kernwapen naar de Verenigde Staten (vooralsnog in ieder geval Alaska) over te brengen. Dachten de 122 landen soms dat hun oproep Kim Jong-un ertoe zal brengen af te zien van zijn streven kernwapens in handen te krijgen? Zo niet, dan willen de 122 landen kennelijk dat de wereld zich weerloos maakt tegen de almaar groeiende dreiging van militaire agressie door het Noord-Koreaanse communistische regime.

 

Het streven van sommigen de wereld kernwapenvrij te maken is bijna net zo oud als het eerste kernwapen. Het is tevens net zo kansloos als het zo’n zeventig jaar geleden al was. Als een nieuwe technologie er eenmaal is, kun je de uitvinding niet meer ongedaan maken. Indien het al mogelijk zou zijn alle landen die nu kernwapens hebben tot vernietiging van hun arsenalen te bewegen, en dit sluitend te controleren, dan blijft altijd de mogelijkheid bestaan dat een land in het geniep nieuwe kernwapens gaat ontwikkelen. De kans dat dit ongemerkt, en ongeremd, gebeurt is veel groter in een dictatuur dan in een democratie. Kernwapenvrij zou er dus waarschijnlijk op neer komen dat de vrije wereld zich netjes aan deze afspraak gaat houden, terwijl onderdrukkende regimes met (potentieel) expansionistische plannen zich nucleair blijven bewapenen.

 

Zodra wapens er eenmaal zijn blijven ze; tenzij nieuwe, technologisch geavanceerder wapens ze nutteloos maken. Het zwaard is als wapen nooit verdwenen door een afspraak er geen gebruik meer van te maken maar door de uitvinding van het buskruit. Als men van ver af een tegenstander kan doden, heb je weinig meer aan een wapen waarvoor je de vijand tot armlengte moet naderen.

 

Nu is er wel degelijk een verdrag tegen de ontwikkeling, het bezit en het gebruik van biologische wapens. Waarom, zo kun je afvragen, kan voor kernwapens dan niet hetzelfde gebeuren? De Biologische Wapens Conventie is evenmin sluitend in de zin dat wij niet weten of ergens een kwaadaardig regime (of terroristen) een biologisch wapen ontwikkelt en aanhoudt. Maar er zitten twee grote remmen op de inzet van biologische wapens. De eerste is dat zij als een boemerang terug kunnen komen. De dodelijke virussen, bacteriën of schimmels kennen immers geen onderscheid tussen vriend of vijand, en kunnen zich razendsnel over de hele wereld verspreiden. Een agressor die dit wapen inzet loopt dus gerede kans er zelf aan ten onder te gaan. De tweede rem is dat een regime dat biologische wapens inzet misschien wel nóg meer kans loopt een vergelding met kernwapens over zich af te roepen dan wanneer het als eerste naar de nucleaire optie had gegrepen.

 

Dit brengt ons bij de aloude paradox uit de tijd van de Koude Oorlog. De inzet van kernwapens zou zonder twijfel verschrikkelijk zijn. Maar juist omdat dit zo is, hebben deze wapens een afschrikkende werking. Dat de Koude Oorlog nooit in een echte oorlog op het Europees continent is ontaard, heeft veel met de aanwezigheid van kernwapens te maken. De befaamde militair historicus Michael Howard zei dan ook in 1983: ‘The existence of nuclear weapons in the hands of the superpowers is, if properly managed, a factor making for quite unprecedented stability. Those who press for their total abolition need to ask themselves whether they really wish to return to the world of 1914 or 1939.’

 

Een kernwapenvrije wereld is dus niet enkel onmogelijk maar tevens onwenselijk. Zonder de dreiging van een nucleaire vergelding zullen landen eerder tot oorlog over gaan. Een kernwapenvrije wereld zou een godsgeschenk zijn voor kwalijke regimes met boosaardige bedoelingen in de richting van hun omgeving, of dit regime nu in Noord-Korea, China, Turkije, Rusland of in enig ander land huist. Dat burgers in de vrije wereld de voortzetting van hun vreedzame leven in vrijheid deels aan het bestaan van kernwapens te danken hebben, is een relatief geringe prijs voor wie zich bewust is van het alternatief.

 

Patrick van Schie is historicus en directeur van de TeldersStichting. Deze column is eveneens verschenen op de website van het dagblad Trouw op 17 juli jongstleden.

Jouw reactie...