Boeksignalement: Sean McMeekin, The Russian Revolution, A New History

Eind oktober (dat wil zeggen: volgens de Russische tijdrekening die een eeuw geleden gold) dan wel tweede week november (volgens onze tijdrekening in het Westen) is het een eeuw geleden dat de Russische Revolutie plaatsvond. Dat wil zeggen: de zogenoemde Oktoberrevolutie, die eigenlijk geen revolutie was maar een militair opgezette staatsgreep door de bolsjewieken, zoals de Russische communisten toen heetten. De echte revolutie had in februari/maart 1917 plaatsgevonden. Zij was bloediger maar opende ook het perspectief op een meer democratisch Rusland, terwijl de bolsjewistische staatsgreep in oktober/november daar rücksichtlos een eind aan maakte. En een periode inzette van nog veel meer bloedvergieten door het nieuwe bewind.

 

De TeldersStichting organiseerde op 27 oktober 2017 een conferentie ter herdenking van deze gebeurtenissen. De spreker die daar licht liet schijnen over de nieuwste geschiedkundige inzichten over de Russische Revolutie is Sean McMeekin, auteur van een recent boek over dit onderwerp. De Russische Revolutie is een van die thema’s waar al bijzonder veel over is geschreven is, wat de vraag opwerpt wat een nieuw boek hieraan kan toevoegen.

 

McMeekin slaagt in alle opzichten. Niet alleen voert hij de lezer met een vlotte pen in ongeveer 350 bladzijden aan tekst met een zeer helder verhaal langs de voorgeschiedenis, het revolutiejaar zelf, de burgeroorlog en de eerste jaren van het communistische regime. Zijn verhaal is bovendien duidelijk meer dan slechts een ‘samenvatting’ van de historiografie.

 

Eén van de opmerkelijke elementen is een soort eerherstel die de auteur geeft aan Raspoetin, de monnik die met zijn ‘genezende gaven’ een onevenredige invloed uitoefende op de tsarina, en via haar op de tsaar. McMeekin betoogt dat tsaar Nicolaas II er juist goed aan zou hebben gedaan in 1914 naar deze duistere figuur te luisteren. Raspoetin was namelijk een van de weinigen die de tsaar afried deel te nemen aan de Wereldoorlog, omdat hij voorzag dat dit voor Rusland rampzalig uit zou pakken. Dit keer luisterde de tsaar niet naar de monnik, maar naar zijn liberale adviseurs. Het zou hem zijn bewind en zijn kop kosten.

 

Van enige onvermijdelijkheid van de val van de Romanovs wil McMeekin niet weten. En nog minder is hij overtuigd dat Lenin en zijn partijgenoten onvermijdelijk aan de macht dienden te komen. Op tal van momenten in de geschiedenis bleek Lenin, aldus McMeekin, het te hebben getroffen met zijn tegenstanders. Zij maakten namelijk kapitale blunders of waren vooral bezig elkaar dwars te zitten in plaats van te voorkomen dat Lenin de macht kon grijpen. Kerenski, de laatste (sociaal-revolutionaire) premier van het pre-communistische Rusland, blijkt een soort opper-blunderaar te zijn geweest.

 

Maar Lenin had naast buitengewoon veel geluk, ook eigenschappen die hem aan de macht brachten en hielden: een meedogenloze wil, veel opportunisme in de omgang met de marxistische leer zolang dat hem maar meer macht bracht, en een zelfs voor Russische begrippen ongebreidelde wreedheid. Veelbetekenend is dat de Tsjeka, de voorloper van de KGB, een van de eerste instellingen van het communistische regime was. De eerste golf van massa-terreur vond ook niet pas plaats onder Stalin maar reeds vroeg onder Lenin: in de zomer van 1918. In twee maanden tijd werden toen bijna 15.000 mensen vermoord, ruim meer dan twee keer zoveel als in een eeuw tsarisme in Rusland om het leven waren gebracht. En dit was nog niets vergeleken bij wat zou gaan komen, alleen al onder het bewind van Lenin zelf.

 

McMeekin toont ook duidelijk aan hoe kwalijk de rol van de Duitsers is geweest, bij het aan de macht brengen en financieren van Lenin. Niet alleen hielpen zij hem om aan de macht te komen maar tevens om het bewind toen het in 1922 zo goed als (financieel) failliet was van nieuwe middelen te voorzien. Het is een pijnlijke ironie van de geschiedenis dat figuren die uiterst reactionair waren, zoals generaal Ludendorff, verantwoordelijk zijn geweest voor het doelbewust steunen van het eerste communistische schrikbewind ter wereld.

 

McMeekin laat bovenal zien wat er een eeuw geleden in Rusland werkelijk is gebeurd. Maar hij sluit af met een les voor ons heden ten dage. Hij waarschuwt voor de marxisten die nu in de Verenigde Staten (hij doelt ongetwijfeld op Bernie Sanders) en andere Westerse landen zo populair blijken. Zij kunnen zich, anders dan de mensen die zich in 1917 door de propaganda hebben laten meevoeren, niet verontschuldigen met de opmerking dat zij niet kunnen weten wat voor afgrijselijke terreur een communistisch regime onvermijdelijk met zich meebrengt.

 

 

Door: Patrick van Schie

 

 

Sean McMeekin, The Russian Revolution. A New History (Profile Books; Londen, 2017), xxxi+446 pp.; ISBN 978-178125902

 

Jouw reactie...